Reisverslag september 2015

Nuttige jubileumreis naar Armenië bij tienjarig bestaan

De aanleiding van die ‘eenmalige’ reis was vooral ‘benieuwdheid’. Henny Bos had eind 2001 bij zijn afscheid al wethouder van de gemeente Pijnacker samen met collega Paul Goud een melkbus neergezet voor ‘Armenië’. Dat wil zeggen voor Maria Goris en haar organisatie Little Bridge.
In 2005 reisde een drietal Pijnackernaren voor het eerst naar Armenië om daar Maria Goris te ontmoeten. Een Nederlandse vrouw die met de Stichting Little Bridge van oost tot west en van noord tot zuid kleinschalig maar heel gericht hulp- en ontwikkelingswerk doet.

Zij werd in die jaren al gesteund door de SOP, de Stichting Ontwikkelingssamenwerking Pijnacker. De gemeente Pijnacker stortte ieder jaar een gulden per inwoner in de SOP-pot om daarmee projecten in de zogeheten Derde Wereld te steunen.
In het bestuur van de SOP was Frans Mathu actief. Zijn vrouw, Willy Mathu, was actief bij Pax Christi Kinderhulp, een organisatie die vakanties organiseerde voor kinderen uit tehuizen, die in veel gevallen wees waren geworden door de hevige aardbeving die het noorden van Armenië trof in 1988.
Maria Goris werkte begin jaren negentig in een van die tehuizen en zo hadden Maria en Willy elkaar leren kennen.

2002
In de melkbus van Bos en Goud kwamen 10.000 harde Hollandse guldens terecht, vlak voordat op 1 januari 2002 de euro zijn intrede deed. Voor dat geld werd in Jerevan, de hoofdstad van Armenië, een huisje gekocht waarin drie meisjes gingen wonen die te groot waren voor het kindertehuis en door hun beperkingen te afhankelijk om ieder voor zich zelfstandig te wonen.
Met z’n drieën redden ze het goed, aldus het bericht vanuit Armenië, toen ze er eenmaal woonden. Maar, Henny Bos, die altijd al veel door de wereld reisde ondanks zijn druktes in de tuinbouw en de politiek, wilde graag eens een kijkje gaan nemen in Armenië. Hij vroeg Piet van Daalen en Sjaak Oudshoorn mee en zo kwam in september 2005 de eerste Pijnackerse Armeniëreis tot stand.
In het kader van niet lullen maar poetsen, scharrelde Henny Bos in korte tijd 7500 euro bij elkaar, zodat ‘we’ in september 2005 niet met lege handen aan kwamen daar.
We reisden een weekje langs allerlei projecten en moeilijke situaties en waren zeer onder de indruk van wat Maria Goris daar met een kleine organisatie allemaal voor elkaar kreeg.
Wat ze destijds deed, doet ze nog, alleen is het steeds meer en grootschaliger geworden:
• schoolspullen en schoenen voor basisschoolkinderen, die anders thuis blijven zitten;
• voedselpakketten voor zieken, ouderen en zwakke gezinnen die anders weinig of geen eten zouden hebben;
• maaltijdprojecten voor ouderen die elkaar zo ontmoeten en anders eenzaam thuis zouden zitten;
• medicijnen voor mensen die ernstig ziek zijn en die medicijnen zelf niet kunnen betalen;
• opknappen van kleuterscholen, als dorpsleiders dat niet voor elkaar kunnen krijgen (basisonderwijs is voor de landelijke overheid; voorschoolse opvang en kleuteronderwijs is voor dorp en stad);
• aanleg of vervanging van waterleiding in afgelegen stadsdelen of dorpen;
• irrigatiepompen en leidingen om landbouwgebieden beter te benutten; (water is er genoeg vanuit de bergen; je moet het alleen op de goede plek kunnen krijgen);
• opknappen van verouderde (delen van) kindertehuizen;

Aldus een nog lang niet volledige opsomming van wat Little Bridge in Armenië doet met een klein team. Eigenlijk heeft Maria maar twee directe medewerkers. Vooral Benjamin, een zeer veelzijdige Armeniër die twintig jaar geleden vanuit Iran naar Armenië is gekomen, doet heel veel werk. De rest van zijn familie reisde door naar de VS maar hijzelf ging vanuit betrokkenheid en idealisme voor het land van zijn roots aan het werk. Een perfectionist die dag en nacht bezig is. Benjamin heeft naast zijn werk voor Little Bridge een eigen kantoorboekhandel en kan dus aardig zijn tijd indelen, dat wil zeggen de 24 uur die iedere dag te bieden heeft! Verder is er nog Artavast die de boekhouding bijhoudt naast een drukke baan.
Little Bridge schakelt voor het uitvoerende werk lokale personen en bedrijven in. Zo is er een man actief die door Little Bridge eerst van een wisse dood is gered door een doktersbehandeling en medicijnen voor hem te betalen. Deze man is weer gezond en verricht allerlei hand- en spandiensten!

Ontwikkeling
Toen wij in 2005 voor het eerst in Armenië kwamen, was het land vijftien jaar los van de Sovjet-Unie, waar het sinds 1920 een onderdeel van was. Toen de Sovjet-Unie in 1990 uiteenviel, betekende dat zeker de eerste tijd grote ellende in alle voormalige deelstaten. Ineens functioneerde er niets meer.
Maria Goris vertelde wel eens dat het hele land inclusief het vliegveld aardedonker was, toen ze er per vliegtuig arriveerde, in het begin van de jaren negentig. Elektriciteit, water en andere basisbehoeften, het was er dan wel en dan niet.
In 2005 had het land al een flinke ontwikkeling en wederopbouw doorgemaakt, en tien jaar later is de ontwikkeling alweer een heel stuk verder. We spraken dit jaar een ingenieur met Armeense roots die in 1969 vanuit Iran naar de VS emigreerde en die in 1994 voor zijn bedrijf in de VS tijdelijk gedetacheerd werd naar Armenië om als telecom-ingenieur het telefoonnet in Jerevan te moderniseren.
Vijf maanden geleden keerde hij opnieuw terug naar Armenie, nu om zich in te zetten voor onder meer woningbouwprojecten. Hij zei heel optimistisch te zijn over de toekomst van Armenië.
Zijn stelling is dat in 1994 een minderheid heel rijk was en de grote meerderheid heel arm. Er zijn nog steeds ‘hele rijken’ en ‘hele armen’, maar de middenklasse – vaak de ruggengraat van een samenleving – komt meer en meer tot ontwikkeling. Mondige mensen met een gedegen opleiding, een redelijke tot goede baan of een eigen bedrijf. Je ziet het ook aan het aantal en het soort auto’s die in Jerevan rondrijden. Dat zijn vaak heel behoorlijke auto’s, maar dat kunnen niet allemaal ‘hele rijken’ zijn. Daarvoor zijn het er te veel.

De buren
Armenië moet het vooral hebben van opleiding en educatie. Mensen vinden werk in de IT of in de dienstverlening. Daarnaast komt het toerisme meer en meer tot ontwikkeling. Een nadeel is dat Armenië geen natuurlijke hulpbronnen en delfstoffen heeft. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Azerbeidzjan dat olie uit de grond haalt.
Een probleem is dat Armenië al heel lang een conflict heeft met diverse buren. Alleen met Georgië en Iran zijn de verhoudingen redelijk. Dat zijn meteen de enige twee landen waar je Armenië in en uit kunt. Met Turkije is de relatie al honderd jaar of langer heel slecht en ook met Azerbeidzjan leeft Armenië in een staat van ‘koude’ en soms warme oorlog.
Vanaf 1915 tot 1918 zijn anderhalf miljoen Armeniërs gedood door wat Armenië noemt: agressie van Turkse zijde. Al honderd jaar hebben beide landen ruzie over de vraag of het genocide cq volkerenmoord was of niet. Turkije noemt het oorlog en zegt dat de Armeniërs zich ook niet onbetuigd hebben gelaten. Armenië zegt dat het genocide was en dat de Turken uit waren op totale vernietiging van het Armeense volk.
Armenië wil geen vrede sluiten met Turkije zo lang niet wordt erkend dat het genocide was. En dus zijn de grenzen met Turkije potdicht. In het voorjaar is ‘honderd jaar genocide’ groots herdacht in Armenië dat als gevolg van de oorlog met de Turken ook heel veel land is kwijtgeraakt, het zogeheten West-Armenië dat bij Turkije is gevoegd.
Met Azerbeidzjan leeft Armenië op voet van oorlog omdat de twee landen strijd voeren over Nagorno Karabach. Dat is een gebied in Azerbeidzjan waar vooral Armeniërs wonen, een enclave. Azerbeidzjan wil het gebied inlijven en Armenië wil dat tot de laatste druppel bloed voorkomen. Dus is ook de grens tussen die landen dicht en zijn er regelmatig schermutselingen.
Deze internationale conflicten zijn niet goed richting toekomstige ontwikkeling, maar de Armenen zijn als een van de oudste volken van de wereld niet van plan om veel water bij de wijn te doen bij het vinden van oplossingen. Ligt allemaal heel gevoelig.

Naar buitenland
Ten tijde van het uiteenvallen van de Sovjet-Unie zijn heel veel Armeniërs naar het buitenland vertrokken om daar werk te zoeken. Officieel tien procent maar dat kunnen er ook veel meer zijn geweest. 25 procent zeggen sommigen.
Het gevolg is dat er meer Armeniërs buiten Armenië wonen dan erbinnen. Het land is zo groot als Nederland en er wonen nog geen drie miljoen mensen. Bijna de helft woont in de hoofdstad Jerevan. Zoals in heel veel landen is er een sterke trek naar de stad.
Jerevan is een zo op het hoog een moderne stad. Alles is er te doen en alles is er te koop, maar een paar straten achter de mooie winkelstraten en het prachtige centrale plein heerst ook armoede. Toch trekken veel jongen mensen naar de grote stad, op zoek naar een betere toekomst.
In tien jaar tijd hebben we gezien dat Jerevan zich sterk heeft ontwikkeld. Op het platteland en in de kleinere steden zie je veel minder vooruitgang en is alles grotendeels hetzelfde gebleven. Wie een stukje land heeft en zijn best doet, kan daar een redelijk tot goed bestaan opbouwen. Heb je geen werk, dan moet je het zowel in de stad als in het dorp doen met een beperkte uitkering en ben je aangewezen op hulp van buren en familie.

Projecten
In die situatie doet Little Bridge allerlei goede werken, echt gericht op die mensen die zichzelf nog niet kunnen redden. Zieken die niet werken, hebben geen of niet veel geld. Ouderen moeten het doen met een uitkering die niet meestijgt met de prijzen.
We hebben tijdens onze reis die van maandag 31 augustus tot woensdag 9 september duurde weer flink wat projecten kunnen bezoeken in diverse steden en dorpen in meerdere gebieden in het land dat ongeveer even groot is als Nederland, maar qua bereikbaarheid lastiger ligt, vanwege het zeer bergachtige karakter.
Vanwege de viering van het tienjarig bestaan was het gezelschap dit jaar uitgebreid met onder meer vertegenwoordigers van grote donoren. Enkele mensen vertrokken eerder huiswaarts en anderen sloten zich tussentijds aan voor een paar dagen. Gemiddeld waren we met twaalf tot dertien mensen. Zoals bekend reizen we op eigen kosten, zodat iedere ingezamelde euro voor de goede doelen cq projecten benut kan worden.

We laten per dag diverse projecten kort de revue passeren.

Dinsdag 1 september

Hospitaal
Na een korte nachtrust bezoeken we in Jerevan het vernieuwde Genocidemuseum en daarna het Murastan Hospitaal, een oncologisch onderzoeks- en behandelcentrum met dertig bedden voor patiënten van alle leeftijden. Eerder hebben we daar een onderzoekscentrifuge en een afzuigkap (die wordt gebruikt bij het prepareren van chemokuren) mogelijk gemaakt. Nu was de vraag of we vier infuuspompjes willen bekostigen. Het gaat om vier pompen van 900 euro per stuk.
Maria Goris cq Little Bridge helpt het ziekenhuis en de patiënten regelmatig met het vergoeden van medicijnen als mensen die zelf niet kunnen betalen. De directeur van het ziekenhuis en zijn medewerkers zijn zeer blij met alle broodnodige financiële bijstand!

Kleuterschool
Vervolgens reizen we naar het dorpje Bardsrashen waar een project loopt voor de totale renovatie en inrichting van een kleuterschool met voorziening voor voorschoolse opvang. Het project vordert gestaag en wordt nog voor de winter afgerond. De financiering is mede mogelijk gemaakt met steun van Wilde Ganzen. Ook andere organisaties hebben meegewerkt.
Dat kwam goed uit omdat echt alles vernieuwd moest worden: dak, ramen, lokalen tot en met de elektra, de watervoorziening en de inrichting met meubels. De kleuterschool was al vele jaren dicht. In de communistische tijd werd de school gefinancierd door een pluimveehouderij, maar toen het IJzeren Gordijn dicht ging, stopte ook die pluimveehouderij.
Binnenkort is de heropening van de school! In Armenië bekostigt de landelijke overheid het basisonderwijs en moeten de steden en dorpen zelf het kleuteronderwijs organiseren. Veel arme dorpen zijn daar financieel zelf niet toe in staat.

Woensdag 2 september

Ontwikkeling vrouwen
Op woensdag 2 september gaat de reis naar Goris in het zuiden van het land. We bezoeken daar eerst een vrouwenontwikkelingscentrum. Het Network of Women Resource Center. Het doel van de organisatie is de vrouwen in het land meer ervan bewust te laten worden, dat ze een gelijkwaardig aandeel moeten krijgen in het arbeidsproces en de economie.
Officieel is de werkloosheid achttien procent maar in werkelijkheid misschien wel 45 procent. Het aandeel van de vrouwen in de werkloosheid is zeventig procent. Er zijn ook nog maar weinig vrouwen op hogere posities werkzaam, terwijl vrouwen in Armenië wel alle mogelijkheden krijgen tot studeren.
Met directeur Ruzanne Torosyan bezoeken we een project waar dertig vrouwen bezig zijn om van schapenwol allerlei producten te maken. Dertig vrouwen hebben in de uitvoering werk gevonden. De Nederlandse Bernadette Damhuis is vanuit de organisatie PUM betrokken bij dit project. Probleem is het vinden van afzet.
Daarnaast worden er ook kleurrijke poppetjes gemaakt in meerdere centra in het land, in 120 soorten en maten. Die vinden internationaal aftrek. Liefst 55 vrouwen houden zich bezig met de productie die 1300 dram per poppetje oplevert; dat is bijna drie euro. De organisatie vraagt steun omdat de liquide middelen niet voldoende zijn om de productie voort te zetten. Intussen wordt hard gewerkt aan het vinden van meer afzet.

Donderdag 3 september

Meer toerisme
We overnachten in Goris en ontmoeten de volgende morgen de burgemeester die sinds een jaar de stad met 25.000 inwoners leidt. Met Maria Goris wordt gesproken over de betekenis van Goris. Er zijn twee uitlegversies: ten eerste kan het betekenen de zaadstrooier en de tweede betekenis is ‘de berg die hier is’. ‘Gor’ betekent berg en ‘is’ betekent hier.
De burgemeester stelt zich ten doel het toerisme te versterken, in samenspraak met andere bezienswaardigheden en attractiepunten in de regio. Een attractie betreft de Tatev Wings, de langste kabelbaan ter wereld waarmee je over een paar hoge bergen heen een oud klooster kunt bezoeken. Met die kabelbaan nabij Goris hebben we de voorgaande dag afgesloten.

De burgemeester wil de stad netter en toegankelijker maken en daarmee aantrekkelijker voor toeristen. Dat betekent dat de stad schoner moet worden. Nu ligt er nog veel vuilnis te slingeren en zijn veel wegen en paden in slechte staat. De burgemeester wil daarnaast inzetten op ambachtelijke bedrijvigheid en landbouw.

Muziekschool en maaltijden
Dominee Sarkis met wie Little Bridge in Goris onder meer samenwerkt op het gebied van voedselpakketten voor de armsten, komt met twee projectaanvragen. Ten eerste een maaltijdenproject voor ongeveer 75 arme ouderen en ten tweede een muziekschoolproject waarbij het gaat om stoelen voor het publiek, verwarming en instrumenten. Twee meisjes verzorgen een prachtig ‘vierhandenpianoconcertje’ om deze aanvraag kracht bij te zetten. Bedragen worden nog niet genoemd!


Vrijdag 4 september

De volgende morgen reizen we door naar de stad Kapan die 75 kilometer van de grens met Iran ligt. Dat is een reis hoog door de bergen die wordt gemaakt door veel vrachtauto’s van en naar Iran. De burgemeester van Kapan heeft zelfs zijn vakantie onderbroken om ons te kunnen ontvangen. 

Net als Goris is Kapan een stad die letterlijk de eindjes aan elkaar moet knopen. Er wonen 43.000 mensen en de werkloosheid is groot. De stad is bezig samen met een Frans bedrijf het waterleidingnet te moderniseren. Er was zeer veel waterverlies door slechte asbesthoudende buizen. Een project van zes miljoen dollar dat het Franse bedrijf investeert in ruil voor de exploitatie.
In het grootste deel van de stad is de vernieuwing klaar. Doordat er minder lekverlies is, heeft de stad nu aan 300 liter per minuut genoeg. Dat was voorheen 500 liter. Van die 300 liter komt 200 liter uit de bergen en 100 liter uit de rivier die door de stad loopt.
In negen afgelegen districten moet de stad het zelf zien te rooien. We bezoeken een project in een inderdaad zeer afgelegen berggebiedje waar we al eerder financiële medewerking hebben verleend voor het realiseren van drinkwater. Het gaat om het opknappen van bassins en de aanleg van leidingen. Het werk is in volle gang en binnenkort hebben 105 gezinnen stromend water. Jongeren helpen mee met het graafwerk.
De burgemeester vraagt om financiële medewerking aan de kosten van brandhout voor arme gezinnen die geen aardgas hebben of dat niet kunnen betalen. Het ging vorig jaar om negentig gezinnen die gedurende vier maanden twee kuub (per maand) aan hout nodig hadden om niet aan de strenge winter ten onder te gaan.
Elektriciteit en gas zijn de laatste jaren veel duurder geworden, zodat mensen het niet meer kunnen betalen. Hout is overigens ook duur: 26 euro per kuub. Er zijn voor de komende winter al meer dan honderd aanvragen binnen.
In totaal zitten duizend gezinnen in deze stad onder of rond het minimum. Little Bridge steunt dertig arme bejaarden maandelijks met voedsel en tachtig families met een eenmalig voedselpakket van veertig euro om de winter mee door te komen.

Maandag 7 september

School en waterleiding
Na een relatief rustig weekend met onder meer kerk- en museumbezoek een bezoek aan een familie in het zogenoemde Regenboogdorp nabij Jerevan, gaat maandag de reis naar het oosten van het land, richting de grens met Azerbeidzjan.
We bezoeken de dorpen Tretuk en Torfavan, die beide worden bestuurd door daadkrachtige jonge burgemeesters die in de winter voorop gaan bij het uitdelen van voedselpakketten aan de armen.
Deze grensdorpen worden voornamelijk bevolkt door Armenen die ten tijde van de oorlog met Azerbeidzjan begin jaren negentig uit dit land zijn ‘gegooid’ om aan de Armeense kant van de grens een nieuw bestaan op te bouwen.
In Tretuk bezoeken we een lopend project voor de herrijzenis van de kleuterschool. Vorig jaar was de school nog een bouwval, nu is-ie bijna klaar voor heropening.
Verder is een project voor het vernieuwen van anderhalve kilometer waterleiding vorig jaar uitgevoerd. De oude leiding lekte en bestond voor een deel uit gevaarlijk asbest. Nu heeft 95 procent van de huishoudens stromend water en de overige vijf procent kan gemakkelijk water ‘lenen’ van de buren. Een wens is nog: het vernieuwen van een deel van de irrigatiewatervoorziening voor de landbouw.

Pompen voor irrigatie
Vervolgens bezoeken we het nabijgelegen dorp Torfavan. De irrigatiewatervoorziening is ernstig verbeterd dankzij pompen die het aanwezige water op de bestemde plek brengen. Het leidingnet is gegroeid van twee naar vijf kilometer. Liefst 155 families profiteren daarvan. Twintig families zijn zelfs voor het water teruggekeerd in het dorp. De oogst is met veertig procent gemiddeld toegenomen en er wordt van alles geteeld. Goede vrienden zijn meer waard dan de regering, aldus deze burgemeesters.


Dinsdag 8 september

Aparan zoekt en vindt contact
Op de laatste dag gaat de reis naar het noorden. Eerst bezoeken we het stadje Aparan, een stad/dorp met 7.300 inwoners, een kordate burgemeester, Gor Abramyan, die de nodige problemen wil oplossen maar moet kampen met grote financiële beperkingen. Aparan ligt op 2.000 meter hoogte en kampt met zes maanden winter met veel kou en sneeuw.
Hij heeft per jaar ruim drie ton in euro’s te besteden maar moet daar ontzettend veel voor doen en heel veel medewerkers van betalen. Zelf doet hij het met 300 dollar per maand. Als hij hoort wat Pijnacker-Nootdorp per jaar kan besteden, klapt hij met zijn achterhoofd van verbazing tegen het boveneind van zijn stoel.
De burgemeester is na drie keer bellen in contact geraakt met Maria Goris: de aanhouder wint. De contacten hebben geleid tot een selectie van mogelijke projecten die Aparan niet zelf kan oplossen/betalen:
• het uitbreiden van een kleuterschool;
• de laatste vijftien procent die de stad moet bijdragen om een wijk met 1.700 inwoners op aardgas aan te sluiten;
• isolatie van 435 flatwoningen door de deuren en de ramen te vervangen wat vijftien procent energiebesparing oplevert;
• het oprichten van een landbouwcoöperatie met een tweeledig doel, namelijk water voor koeien en landbouwwerktuigen om land te bewerken dat nu nog niet wordt benut.

Dat zijn de aanvragen.

Kasje in Spitak
In de stad Spitak, veertig kilometer van Aparan, worden we verwelkomd met een prachtige jubileumtaart. De stad heeft een project opgezet met een tuinbouwkasje van 2000 vierkante meter voor de teelt van komkommers en tomaten en drie hectare open land met vruchtbomen. Het doel is om vooral mensen met een beperking aan een baan te helpen.
Deze mensen worden meteen ook opgeleid voor de land- en tuinbouw. In het eerste teeltjaar is al vijftien ton komkommers geproduceerd. Ten tijde van ons bezoek had men nogal last van de voorbije zomerhitte en van ongewenste beestjes, zoals spint en luis. De aanvraag was een kleine tractor voor het bewerken van de grond binnen en buiten de kas.

Woningbouw in Vanadzor
De Amerikaans/Armeense organisatie Arda is in het stadje Vanadzor, niet ver van Spitak bezig om arme gezinnen vanuit containers te herhuisvesten in nieuwe woningen. Deels is het nieuwbouw vanaf de grond en deels het benutten van niet afgebouwde fundamenten. In totaal zijn er 57 woningen gerealiseerd.
Twee Armeense medewerkers van Arda zijn vanuit Jerevan meegereisd om tekst en uitleg te geven over het project. Een goede zaak dat ook vanuit Armenië zelf actie wordt ondernomen.

Er zijn in Vanadzor nog drie gebieden waar de mensen al sinds 1990 – twee jaar na een verwoestende aardbeving – in containers wonen. De bedoeling was tijdelijk maar dat duurt al 25 jaar. Veel containers vallen van roest uit elkaar. In de winter zijn ze ijskoud en in de zomer bloedheet.
Arda doet goed werk en selecteert de gezinnen zorgvuldig. De opzet is dat de mensen een huis krijgen en deels kopen. Arda betaalt 50 procent van de kosten, de stad 35 procent en de overige vijftien procent de organisatie Fuller. Die vijftien procent betalen de bewoners/eigenaren in tien jaar terug aan Fuller. Het werkt goed: een van de drie gebieden is al containervrij en wordt door de stad herontwikkeld.
Een project van twaalf woningen stagneert op dit moment omdat het geld op is. Zodra dat er is, wordt de bouw hervat. Centraal in het nieuwe woongebied kan dan ook een speelterrein worden aangelegd. Het geld daarvoor is er al, maar de gever wil dat eerst het bouwproject wordt afgerond, omdat hij vreest voor schade aan het speelterrein.

Tot slot
Dat was na tien jaar de elfde reis naar Armenië van de Stichting Pijnackernaren Helpen Armenië. Steeds weer met het doel om contact te houden met Maria Goris en Little Bridge dat een zeer stevige bijdrage levert aan de ontwikkeling van Armenië en daarbij vooral kansarme mensen in het oog houdt.
In tien jaar tijd is er heel veel goed werk gedaan. Gelukkig is Little Bridge niet alleen aangewezen op gelden uit Pijnacker maar komen de centen ook uit Zwitserland, Duitsland en ook andere organisaties in Nederland die allemaal zien dat Little Bridge het geld concreet besteedt, met zo weinig mogelijk overheadkosten.
We laten alle informatie even bezinken en gaan dan rond de tafel om een keuze te maken uit de diverse projecten. Daarbij is ook de vraag wat andere organisaties eventueel financieel voor hun rekening kunnen en willen nemen. Natuurlijk betrekken we ook Wilde Ganzen erbij. Die organisatie verleent bij veel projecten financiële medewerking.

Jubileumviering
We gaan intussen ook op weg naar de viering van het tienjarig bestaan op vrijdag 6 november 2015, van 16.00 tot 20.00 uur, in het Bestuurscentrum van de gemeente Pijnacker-Nootdorp. In aanwezigheid van de ambassadeur van Armenië in Nederland en de burgemeester van Pijnacker-Nootdorp wordt dan op gepaste feestelijke wijze stilgestaan bij ‘Tien jaar Pijnacker-Nootdorp voor Armenië’. Nadere informatie volgt!

 

Help ons!

Wilt u de Stichting Pijnackernaren Helpen Armenië steunen, maak dan gebruik van rekeningnummer NL 78 RABO 01 09 23 69 47 ten name van Stichting Pijnackernaren Helpen Armenië. Voor verdere informatie kunt u met ons Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

 

Onze stichting is ANBI-goedgekeurd, wat betekent dat giften financieel aftrekbaar zijn.